the-tree

Onderwijs en Boeddhisme: Een natuurlijke combinatie


Door Jeremy Ran, docent en boeddhist.

De Nederlandse onderwijswereld slaat al enkele
jaren een steeds luider wordend alarm: Er vindt leegloop plaats, er is
ontevredenheid onder het personeel en als we de cijfers mogen geloven, voelen
studenten er steeds minder voor om een onderwijscarriere te starten. Waarom beschouwt men onderwijs als steeds
minder aantrekkelijk? Hoe kan het dat er steeds meer onvrede aanwezig is op de
werkvloer? Is het vooral te wijten aan het steeds extremer wordende gedrag van
leerlingen of is er iets anders aan de hand? Belangrijker dan al deze vragen: Hoe kunnen we
het tij keren en meer tevredenheid cultiveren? Wellicht verschaft een
Boeddhistisch geïnspireerde visie wat handvatten.

In onderwijsland zijn we gebonden aan een
curriculum, simpel gezegd zijn dat eisen die de landelijke onderwijsinspectie
stelt aan de kwaliteit en resultaten van onderwijs. Daarin ligt weinig ruimte
om te experimenteren, of we het er mee eens zijn of niet. In de dagelijkse menselijke interactie die
lesgevenden met leerlingen hebben is echter wel grote ruimte om zelf bepalend
bezig te zijn. Zowel op inspirerend niveau om de omgang tussen leerlingen te
verbeteren, als op intern niveau om onze eigen tevredenheid te vergroten.

Natuur is altijd al een grote bron geweest
voor metaforen waarmee het Boeddhisme meer duidelijkheid probeert te creëren in
de dharma. Zo’n vijf jaar geleden hoorde ik tijdens een Kadampa-workshop voor het
eerst van de ‘boom van lijden’. Recent las ik in een boek geschreven door Sakyong
Mipham Rinpoche over de ‘plant van karma’. Alhoewel er een verschil in organisme is,
blijkt de boodschap van beide metaforen overeen te komen: De weg naar lijden of
geluk is er één met vele stadia en wij zijn zelf verantwoordelijk voor de smaak
van de vrucht die de boom of het plantje zal dragen. De combinaties van onze acties in het heden
zouden zomaar bepalend kunnen zijn voor gebeurtenissen in de toekomst voor
onszelf en anderen. Concreet zouden we kunnen zeggen dat we zelf
verantwoordelijk zijn voor onze eigen mate van tevredenheid.

Voor dit artikel werk ik de metafoor van de ‘boom van lijden’ verder uit, aangezien ik daarmee zelf als docent veel raakvlakken met het onderwijs heb ontdekt… Allereerst is daar de wortel. Deze staat voor
zelfkoestering en zelfgrijping. Wie herinnert zich niet de docent die heel
duidelijk in woord en daad de “mijn wil is wet” boodschap uitdroeg? Herinneren
we ons dan ook voor het gemak even hoe ongemakkelijk dit ons deed voelen als
puber? Als onderwijsaanbieders zullen wij ons er bewust van moeten zijn dat
onze baan in het leven is geroepen om leerlingen te voorzien van kennis en een
goed voorbeeld te zijn op gedragtechnisch gebied. Wij zijn er ten behoeve van
de leerlingen en niet andersom.

Zij krijgen bij inschrijving immers geen
opdrachtbriefje waarop staat:”Streel het ego van uwer docent”. Het succes van
het loslaten van ego en bewuste acceptatie van de gevende taak die er ligt, is
stap één op het pad richting de zoete of bittere vrucht. Nou kan het zijn dat je als lezer denkt: Leuk
hoor, maar naast dat het prettig kan zijn in een klas, kan het ook mis gaan.
Moeten docenten dan enkel lief glimlachen op het moment dat zo’n puber compleet
los gaat en de halve medische encyclopedie aan scheldwoorden eruit gooit, laat
staan fysiek wordt? Uiteraard is dat niet het geval. En na bijna
een tiental jaren onderwijservaring kan ik inderdaad beamen dat leerlingen met
haast chirurgische precisie het bloed onder de nagels van anderen kunnen halen.

Het is alleen wel aan onszelf om te bepalen of
wij ons laten verleiden tot boosheid, angst, afschuw en walging. Het kan in
conflictsituatie met leerlingen zo aanlokkelijk zijn om impulsief te handelen
en confrontatie vol op aan te gaan, maar dan vergeten we één enorm belangrijk
feit. Dit zijn jonge mensen die door misschien wel één van de meest ingrijpende
fases van hun leven gaan: puberteit. De ontwikkelingen op lichamelijk,
geestelijk en sociaal gebied zijn immens. In een periode van slechts enkele
jaren ondergaan kinderen veranderingen waarbij zij zich losmaken van hun
parentale leiders, steeds grotere aandrang krijgen om een eigen sociale kring
op te bouwen en dat alles tegelijkertijd in lichamen die opeens eng veel
kenmerkende trekken van volwassenheid beginnen te vertonen.

Om in de natuurgerichte vergelijkingen te
blijven. Een rupsje die een dergelijke verandering moet ondergaan hult zich,
niet zonder reden, in een cocon om zo in alle rust zich te ontwikkelen en
daarna als beeldschone vlinder weer tevoorschijn te komen. Ons huidig maatschappelijk stelsel stelt
kinderen juist in deze fase bloot aan ladingen kennis, verplichting tot
toekomstbepalende opleidings- en beroepskeuzes terwijl ondertussen de
imagogerichte groepsdruk toeneemt. En wij hebben als onderwijsmensen het
voorrecht om daar zo’n 8 uur per dag een begeleidende rol in te vervullen.

Door al deze hectiek met een heldere blik te
aanschouwen en dit mee te nemen in onze beleving wanneer een leerling op eerder
genoemde wijze vervelend gedrag vertoont is het wellicht mogelijk om juist een
compassie- en begripvolle houding aan te nemen. Dit kan gezien worden als de stam van ons
plantje of boom in wording: Onze mentale staat en houding alvorens te handelen. Aangekomen bij de, binnenkort, vruchtdragende
takken neem ik aan dat het zo langzamerhand wel duidelijk begint te worden hoe
groot ons eigen aandeel is.

Het onderwijs kán
een plek zijn waar mensen afbreken. Zowel leerlingen als leerkrachten kunnen
zich persoonlijk gekrenkt voelen, met beschuldigende vingers wijzen en toegeven
aan boosheid, jaloezie, afgunst en angst. Het daarop geïnspireerde handelen
biedt dan een prachtige plek voor de uiteindelijke bittere vruchten van lijden.

Volgens mij is onderwijs echter juist bedoeld
als plek waar mensen kunnen opbloeien. Als er zonder angst en juist met respect
voor de karmische beweging zorg wordt gedragen voor het jonge zaadje, ontstaat
er een plek vol liefde, mededogen en wederzijds begrip waarin de leerling
misschien wel net zo veilig is als ons rupsje met vlinderaspiraties.

Laat niet te los, maar hou ook niet te strak
vast, geef grenzen aan in plaats van ze op te leggen, vertel niet alleen maar
luister ook, geef ruimte in opdrachten in plaats van keiharde eisen te stellen
en bovenal: hou je ogen open in het moment waar jullie je beide bevinden. Ongetwijfeld groeit dan ook het vertrouwen en
tevredenheid in onderwijsland en neemt wellicht het gapende gat dat men
lerarentekort noemt ook af.

We hebben het zelf in de hand…

Over Jeremy (28): Van kleins af aan ben ik thuis in aanraking gekomen met meditatie. Vanaf
mijn 20ste heb ik gesnuffeld aan boeddhistisch gedachtegoed, waarna ik in
de zomer van 2010 op aanraden van goeie vrienden mee ben gegaan naar
een Shambhala retraite in Dechen Chöling. Het zijn de menselijke, zachte
maar ook gedisciplineerde facetten van Boeddhisme die mij uitdagen en
inspireren in zowel het dagelijks leven als in mijn werkzaamheden als
Instructeur Zorg & Welzijn en Mens & Natuur in het Voortgezet
Middelbaar Beroeps Onderwijs.