bodhitv1

Uit BoeddhaMagazine: van probleemkinderen naar dharmaleraren


Ieder kwartaal wisselen Bodhitv en BoeddhaMagazine een artikel uit. Deze keer: Van probleemkinderen naar dharmaleraren –  bad boys Vinny Ferraro en Jake Cahill over hun jeugd en het nu
.

tekst: Francine Aarts
Fotografie en copyright: Lucy Lambriex

Met een grote grijns komen ze aanfietsen in het Vondelpark; beiden gehuld in een hip ruitjeshemd, een kek petje op en de armen en benen volgetatoeëerd. Ondanks hun rode huurfietsen zie je meteen: dit zijn geen standaardtoeristen. Wat je niet meteen ziet, is dat er achter die hippe kleding en tattoos veel kennis, wijsheid en compassie schuilgaat.

Tijdens hun jeugd waren Vinny Ferraro en Jake Cahill bepaald geen lieverdjes. Ze kwamen al op jonge leeftijd in aanraking met verslaving en criminaliteit. In een groot interview met Tricyle vertelt Ferraro bijvoorbeeld hoe hij op tienjarige leeftijd al drugs smokkelde naar zijn vader die in de gevangenis zat. Maar al die ellende was niet voor niks en bleek een goede voedingsbodem voor de dharma.
Tegenwoordig – wie had dat ooit gedacht – leiden deze bad boys meditatiegroepen en -retraites bij Against the Stream, de rebelse sangha van Noah Levine. Daarnaast zetten ze de ervaringen uit hun eigen moeilijke jeugd in om adolescenten dichter bij elkaar te brengen in de antipestworkshops van Challenge Day. In de Verenigde Staten zijn deze workshops een doorslaand succes, en ook in Nederland zijn een aantal workshops georganiseerd, waarbij ook Ferraro en Cahill meededen. Daarover ging de KRO-documentaireserie Over de streep (www.overdestreep.nl). Ferraro en Cahill vertellen wat zij leerden van hun moeilijke jeugd en wat ze nú nog leren. Een dubbelinterview met deze wijze enfants terribles.

Vinny Ferraro: ‘Ik was het dode paard waar niemand op zou wedden. Ik ook niet.’

Maakt jouw turbulente jeugd je een andere dharmaleraar?
Mijn moeilijke jeugd en mijn losgeslagen adolescentenjaren hebben twee voordelen bij het lesgeven. Ten eerste kan ik me in veel situaties en emoties inleven. Ik heb niet de neiging om mensen te veroordelen als ze me vertellen waar ze mee worstelen, omdat een deel van mij weet hoe het voelt. Daarnaast weet ik: als ik het kan, dan kan iedereen het! Niemand had gedacht dat het ooit nog wat zou worden met mij. Ik was het spreekwoordelijke dode paard waar niemand op zou wedden, ook ikzelf niet. Ik had opgegeven. En moet je zien waar ik nu sta.
Ik put veel uit mijn verleden om de dharma te begrijpen. Maar hoe kan ik mijn studenten nou leren in het nu te zijn enkel vanuit mijn verleden? Het ‘nu’ moet je in het NU oefenen! Het is belangrijk om gebeurtenissen uit het verleden – zoals mijn recente scheiding – niet in een mooi cadeaupapiertje te verpakken en te roepen: wow, al die inzichten, is het niet geweldig? Je moet ook weten hoe het is om in het vuur van de directe ervaring te zitten. Om te voelen wat er op dit moment is. Om te voelen dat de grond onder je voeten wordt weggeslagen en jezelf af te vragen: waar ben je nou helemaal met die meditatie van je?

Kun je je voorstellen dat je uiterlijk en je manier van praten afleiden van wat je wilt overbrengen?
Enigszins. Ik kom duidelijk uit een andere klasse dan de meeste dharmaleraren. Dus als boeddhistische centra een afstandelijke leraar die op een troon zit verwachten, dan komen ze bedrogen uit. Maar ik denk niet dat het de aandacht afleidt van de inhoud. Toen ik jaren geleden bij de dharma terechtkwam, waren mijn leraren een stelletje bejaarden en dat heeft mij ook nooit afgeleid. Ik bleef toch bij de dharma, en het heeft toch mijn leven veranderd. En nu doen we het op onze manier. Mijn meditatiegroepen trekken allerlei soorten mensen, maar wel duidelijk meer jongeren, en mensen die soortgelijke ervaringen hebben gehad als ik. Het is makkelijker om aansluiting te vinden.
Ik ben niet bang dat Against The Stream een cultdingetje wordt. Het is ontstaan vanuit de oprechte wens voor vrijheid van mij en mijn vrienden. We doen nog steeds allemaal meditatieretraites, we gaan er nog steeds voor om zo veel mogelijk mensen te helpen. Natuurlijk weet ik niet wat mensen met onze lessen zullen doen. Maar als ze kijken naar wat het bij ons oplevert dan hoef ik me geen zorgen te maken. Als mensen stoppen met mediteren en alleen nog de T-shirts dragen, dán wordt het verdacht.

Wat leer je van jouw rol als leraar? Wat doet het met je eigen beoefening?
Lesgeven is zelf ook een goede beoefening. We vragen mensen om niet te reageren, om bewust te blijven terwijl alles opkomt en weer voorbijgaat. Dat geldt ook voor lesgeven. Je krijgt veel complimenten, maar ook een boel kritiek. Er komen zo veel reacties van al die mensen die met ongemak en emotionele trauma’s zitten, en vaak ben jij de bliksemafleider. Het is een goede gelegenheid om te oefenen met de shit die je tegen hen vertelt: relax, haal adem, er is niks mis met dit moment. Dingen komen op, dingen gaan voorbij en de vergankelijkheid doet z’n ding.
Ik kan me niet voorstellen dat ik zoiets moois niet zou delen.


Je bent leraar, maar je leert zelf ook nog. Wat voor uitdagingen heb jij nog?

Haha, het is makkelijker praten over de paar inzichten die ik heb gehad dan over de berg die overblijft! Als ik ’s ochtends wakker word voel ik me behoorlijk vrij. Ik houd van deze droom die ik mijn leven noem. Dat wil niet zeggen dat het leven geen moeilijke kanten heeft, zeker na mijn recente scheiding. Het is niet makkelijk om te zien dat de mensen van wie ik houd pijn hebben, en om die pijn in mijn eigen hart te ontmoeten. Maar we hoeven van pijn geen lijden te maken, en dat is een enorme vrijheid.
Ik voel me bevoorrecht dat ik de dharma gevonden heb. Maar het is niet zo dat ik altijd de moeilijkheden kan bedanken, en kan zeggen: laat ik mezelf eens lekker ontwikkelen. Vaak baan ik me al schoppend en schreeuwend een weg richting de verlichting. Soms doe ik wat ik maar kan om bij mijn innerlijke ervaringen uit de buurt te blijven. Als ik moe ben, als ik me geen raad meer weet en ik gewoon even afleiding nodig heb. Dan zoek ik het buiten mezelf. Ik bel een vriend, leid mezelf af met een film of een van de duizenden andere dingen in deze wereld.
En als ik weer wat moed verzameld heb dan kom ik bij mezelf terug en onderzoek ik wat er nou eigenlijk aan de hand is. Ik probeer te zijn met wat er is, zonder er allerlei verhalen bij te verzinnen. Gevoelens zijn maar gevoelens. Ze kunnen pijn doen, maar ik kan erbij blijven. Pas als de verhalen komen wordt het een zooitje in mijn hoofd. Dan weet ik niet meer wat boven en onder is en voelt het alsof ik in een wasmachine vol honkbalknuppels zit. Maar uiteindelijk moeten we weer op dat kussen gaan zitten. Dan moeten we beseffen dat er geen andere weg is dan erdoorheen. En hopelijk hebben we dan de steun van onze leraren.

Jake Cahill: ‘Als we het hebben over waarheid dan moeten we het ook hebben over onze waarheid’

Maakt jouw turbulente jeugd je een andere dharmaleraar?
Mijn ervaringen als jeugdige drugsverslaafde waren voor mij, zoals de Boeddha zou zeggen, de perfecte omstandigheden om mijn vrijheid te willen vinden. Ik weet niet of ik anders zo vroeg bij de dharma terecht zou zijn gekomen. Ik moest wel. Het was óf dieper wegzinken in mijn drugsverslaving en mezelf ernstige schade toebrengen, óf iets doen om mijn vrijheid te bereiken. In die tijd had ik absoluut het idee dat mijn verslaving iets was dat me tegen zou houden in het leven. Maar in feite heeft het bijgedragen aan hoe ik momenteel mijn leven invul, en ik kan er nu veel mensen mee helpen. Het is een enorm voordeel voor mij.
Kwetsbaar zijn en open zijn over de dingen die we hebben meegemaakt is belangrijk voor elke leraar. Zeker als het gaat om het overbrengen van de dharma. Als we mensen leren over de waarheid, maar niet willen toegeven dat wij ook fouten hebben gemaakt en dat we tekort zijn geschoten, dan geven we ze niet de gelegenheid om dit voor zichzelf aan te nemen. Om ervan te leren, om er trots op te zijn. Als we het hebben over waarheid, dan moeten we het ook hebben over ónze waarheid.

Kun je je voorstellen dat je uiterlijk en je manier van praten afleiden van wat je wilt overbrengen?
Ik kan me zeker voorstellen dat sommige mensen er aanstoot aan nemen. De dharma bestaat al zo’n 2500 jaar. Dat zijn 2500 jaar waarin verschillende culturen het boeddhisme op verschillende manieren geïnterpreteerd en beoefend hebben. Iedereen heeft zo zijn mening over hoe het zou moeten. Maar me anders kleden, anders spreken of geen tattoos nemen, om mensen dan te leren dat het oké is om zichzelf te zijn, dat slaat nergens op voor mij. Dat zou voelen alsof ik een deel van mezelf verraad.
Weet je, ik ben jong en heb een boel tattoos, ik kleed me anders dan veel andere mensen. Dat zijn een boel afleidingen. Maar het is alleen een afleiding als we het een afleiding máken.

Wat leer je van jouw rol als leraar? Wat doet het met je eigen beoefening?
Lesgeven is mijn motor. Het zorgt ervoor dat ik nadenk over mijn eigen beoefening, dat ik geschriften opzoek, dat ik nieuwe dingen ontdek in de teksten. Het dwingt me grenzen te verleggen die ik anders niet zou hoeven te verleggen. Het prikkelt me ook om zelf meer te beoefenen; ik wil mensen niet iets leren wat ik zelf niet doe.
Doceren voelt voor mij heel kwetsbaar en eng. Je staat voor een grote groep mensen en je weet dat al die verschillende visies, meningen en oordelen op je afkomen. Het is moeilijk als je wil dat mensen gelukkig zijn en je weet dat dat niet realistisch is. Daarom moet ik bij mezelf blijven. Ik kan niet lesgeven als ik me druk maak om complimenten en kritiek.
Het is een enorme verantwoordelijkheid om een veilige plek te creëren waar mensen stil kunnen zijn, waar ze mindful kunnen zijn. We leren mensen om te zitten met wat er is. Om op fysieke gewaarwordingen te reflecteren en om hun eigen gedachten niet te persoonlijk op te vatten. Maar mensen kunnen heel wat te verduren hebben. Je weet nooit hoe mensen zullen opvatten wat je zegt.
Aan de andere kant is lesgeven het mooiste cadeau dat ik ooit heb gekregen. Praten over de dharma is praten over mijn grootste passie. Ik doe dit niet voor het geld, ik doe dit omdat ik ervan houd; ik doe het voor de lol. En als mensen met tranen in hun ogen naar me toekomen dan besef ik dat we een plek voor hen creëren die ze nooit gehad hebben. Sommige mensen hebben nooit meegemaakt dat iemand bij hen komt zitten en ze vertelt dat ze zichzelf mogen accepteren. Ik kan niet in woorden uitdrukken hoe bijzonder dat voor me is. Daarbij vallen alle risico’s en alle onzekerheden in het niet.

Je bent leraar, maar je leert zelf ook nog. Wat voor uitdagingen heb jij nog?
Ik worstel nog met persoonlijke, intieme relaties. Moet ik een vriendin hebben, moet ik geen vriendin hebben? Wat betekent het om een relatie met iemand te hebben? Er is zo veel aan de hand met relaties. Ze hebben veel te maken met de dharma, maar de Boeddha zei er eigenlijk weinig over. Hij adviseerde het celibaat. Hij stelde dat als mensen verlichting willen bereiken, ze begeerte bij de wortels moeten aanpakken. En seksuele relaties, intieme relaties veroorzaken meer begeerte dan wat dan ook.
Ik weet dat ik van mezelf kan houden, maar kan iemand anders ook van mij houden, niet alleen als een vriend? Daar bestaat nog veel onzekerheid over. Ik voel me zeker in mijn rol als leraar, ik voel me zeker als een goede vriend, een zoon en een broer. Maar als het om een intieme relatie gaat dan voel ik me verloren. Maar juist de dingen waar we mee worstelen zijn de gebieden waar we in kunnen groeien. Ik merk dat ik al enorm veel geleerd heb, ik ben tevreden met de beslissingen die ik maak, en die maken me erg gelukkig.

www.tegendestroomin.com
Francine Aarts is freelance(wetenschaps)journalist en vertaler, en eindredacteur bij BoeddhaMagazine. Ze mediteert bij tegen de stroom in.
www.francineaarts.nl