vukeleku_header-1

Vukeleku! Word wakker met de VU: Vergankelijkheid – vloek of zegen?

"Mijn ogen vielen direct op de persoon die Ethiopische maaltijden serveerde. Zijn ogen zo groot en donker, ik kon er Afrika in zien."

Vukeleku! Word wakker met de VU is een samenwerking tussen Bodhitv en studenten religiewetenschappen aan de VU in Amsterdam. De essays waarmee de studenten hun colleges afsluiten worden op Bodhitv gepubliceerd. Door Emma-Lee Kasbergen.

Vergankelijkheid – vloek of zegen?

Ik weet het nog goed, die vroege zomerdag in juni. Temidden van de ontmoeting tussen culturen, geuren van verschillende wereldgerechten die in elkaar opgingen, met op de achtergrond opzwepende dansmuziek uit Colombia, vielen mijn ogen direct op de persoon die Ethiopische maaltijden serveerde. Zijn ogen zo groot en donker, ik kon er Afrika in zien.

Op het moment dat hij naar mij lachte, leek de wereld even stil te staan. Dit moment was perfect, dit festival was bijzonder. Ik probeerde het moment zo lang en zo gedetailleerd mogelijk in mijn hoofd vast te houden, het te vatten in woorden op papier en in foto’s. Maar nu, een jaar later, is alles anders. De tijd nam mij mee in het levensrad dat ons dwingt het moment los te laten. Ik veranderde mee met de tijd en kan nu niets anders doen dan terugdenken aan dat ene moment en me realiseren hoe ik gegroeid ben.

We kennen allemaal het prettige gevoel van mooie momenten: een avondje met dierbare vrienden of familie, een concert van die ene geweldige band, een bepaalde levensfase met heftige emoties die ons lijken te tekenen voor de rest van ons leven. Het zijn grote of kleine momenten die we willen koesteren, maar we komen er gauw genoeg achter dat ze weer voorbij gaan. Het zenboeddhisme ziet dergelijke momenten als een logisch voortvloeisel van het leven: Vergankelijkheid.

Dat concept gaat verder dan het idee dat alle dingen een begin en een eind hebben: het gaat over het eeuwige proces der dingen. Dat een berg niet altijd dezelfde berg is geweest door natuurlijke processen die ieder moment plaatsvinden, is voor vrijwel iedereen een logisch gegeven. Dat geldt eveneens voor het simpele feit dat de tijd ongrijpbaar is. Moeilijker te begrijpen is het proces van het zelf. Zijn wij geboren in de handen van het lot, zoals de klassieke Griekse filosoof Plato betoogde? Of zijn wij, zoals filosoof Aristoteles beweerde, een onbeschreven blad dat gevormd wordt door ervaringen, tijd en continue processen? Is een combinatie hiervan mogelijk? Of wijst het zenboeddhisme beide ideeën af?

If Ultimate Reality, while being taken as nothingness or emptiness,should be called “him” or “thou,” it is,from the Zen point of view, no longer ultimate.(…) True emptiness is never an object found outside of oneself.It is what is really nonobjectifiable.

Deze uitspraak van Japans boeddhistisch filosoof Abe (1915-2006) geeft een goede weergave van het zendenken. Vanaf het allereerste moment van ons bewustzijn worden we opgetuigd met psychologische, filosofische, maar ook spirituele ideeën waarvan de unieke samenstelling zorgt voor onze zogenoemde identiteit. We leven op de motor van onze zintuigen, die ons bevestiging lijken te geven van ons eigen lineaire bestaan, en van dat van al het andere om ons heen. Maar deze manier van denken is onjuist. Het zelf, evenals leegte, bestaat namelijk niet als een ding in zichzelf. Suzuki (1960) zet in zijn essay Self the Unattainable de boeddhistische kijk op het zelf uiteen. Hij vergelijkt het zelf met taal, en geeft aan dat er een probleem ontstaat: al het beschrevene kan alleen maar verhelderd worden door het te objectiveren:

We shall be taking the finger for the moon; the finger is the pointer and not the moon itself. Similarly, money is a convenient medium exchanged for real substance, but in a time of crisis we let money go and hold on to bread. Let us not get confused: language is only the finger, only the money.

Taal, net als de uitleg van boeddhistische ‘concepten’ door middel van taal, dienen we dan ook op te vatten als ‘bij wijze van spreken’. Op dezelfde manier kunnen we het zelf zien. Menselijke zintuigen plaatsen een wezen achter de zintuigen dat gevormd wordt door al deze zintuiglijke opnames, om zo het leven beter te begrijpen en te beschouwen. Dat wezen noemen we de ziel. Er is echter geen wezen achter onze zintuigen: er is simpelweg sprake van onze gewoonte om dingen te objectiveren.

Aan de hand van het volgende citaat legt Abe (1969) uit wat het ware zelf inhoudt:

The realization of ??nyat?-as-such is precisely what is meant by the self-awakening of Dharma. ??nyat? as the nonobjectifiable ground of our existence expands endlessly into all directions.

Het zelf is leegte (??nyat?), veranderlijk, en een proces. We kunnen het zelf kennen door onze gewoonte om dingen te objectiveren los te laten. De tegenstelling van object en subject verdwijnt dan. Zo zijn we niet op een bepaalde manier, of iets ten opzichte van iets anders, maar we zijn gewoon. We zijn gewoon zo. Op deze manier wordt het ware zelf geboren en zullen we ons realiseren dat we niet alleen één zijn met alles, maar dat we ook alles zíjn. Wij zijn de werkelijkheid. Dit is de sleutel naar ons ware zelf. En alleen hierdoor zullen we vergankelijkheid niet meer als een schok ervaren, en ieder moment kunnen omarmen als een zegen van het bestaan.

We are what we are, swimming along the stream of sams?ra (birth and death), and how can we stay in the stream and at the same time stand on the far shore in nirv?na? (Suzuki, 1974, p88)

Het festival? Dat is ieder jaar anders. De geuren, de muziek, de mensen, zelfs die mooie man zullen dit jaar weer nieuw zijn. Niet alleen omdat zij zich eveneens bevinden in het proces van het leven, maar omdat ik in het afgelopen jaar miljarden keren geboren ben als een nieuw persoon met een nieuwe kijk op de eeuwig veranderende wereld . De herinnering is zoet, en ook al zijn mooie momenten niet voor altijd, vergankelijkheid is wat ze zo mooi maakt. En ik? Ik maak nooit meer foto’s om het moment vast te houden.

Headerillustratie: Marijn van der Waa