header_paspoort

De vreemdeling in mij

Het is zo klaar als een klontje: vluchtelingen lijden en dus voel je compassie. Ja toch. Ja? Ja! Waarom gebeurde er bij Mari dan helemaal niets?

Een dag voor m’n vakantie begon had ik me te pletter gezocht naar het ding. Tot ik me ineens bedacht: shit, dat tasje dat ik laatst was kwijtgeraakt… dáár zat ‘ie in! Mijn paspoort. Oh nee toch. Nog drie jaar geldig was ‘ie, en bovendien vol visa en stempels van zestien landen. Zó zonde! (Waar had ik dat ding nou laten staan?!) (Serieus. Waar?) (*@!&#*!!) (WAAR.)

Rondbellen hielp niets. Verslagen pakte ik m’n koffer. Ik had geen tijd om een nieuwe aan te vragen, maar – nuchter bekeken – kon ik deze vakantie wel zonder. En dat bleek best een reality check. Want terwijl Syriërs dood aanspoelden op onze stranden, zat ik zonder paspoort achterin in een auto op weg naar een Frans vakantiehuisje. Grens over, nog een grens over. Zonder enig probleem. Zonder een grens te zien.

Dus voel je compassie

Zwijgend zat ik op de achterbank, met een podcast Coffee Break French in mijn oren (hey, dat gymnasium was lang geleden), terwijl ik nadacht over hele andere dingen. Over de beelden in het nieuws van treinen vol uitgeputte gezichten. Over mijn twitterfeed met meningen, en meningen over andere mensen hun meningen. Over mijn vrienden op facebook die spullen inzamelen of onderdak aanbieden. Luiers, groentepakketten, oude kleding. Een zolderkamer.

Over hoe het kon zijn dat ik me er al die tijd niet toe had kunnen brengen om over zoiets groots een mening te hebben. Terwijl het toch een vanzelfsprekendheid is van heb ik jou daar: mensen lijden, dan voel je compassie. Ja toch. Ja? Ja!

Waarom gebeurde dat bij mij dan niet echt?

Voelde ik dan niets? Dat leek me onwaarschijnlijk. In de lange uren op die achterbank besloot ik dat het maar eens tijd werd om radicaal eerlijk te zijn over mezelf, tegen mezelf.

Cultuurrelativisme

Dat was een taaier proces dan ik dacht. In de dagen en weken erna moest ik me het telkens opnieuw voornemen. Met tegenzin ontleedde ik de plakkerige uilenbal van emoties die ik schoorvoetend moest toegeven wel te hebben. Want wat vond ik zoal?

Nou, bijvoorbeeld dat ik geen enkel geduld heb voor de totale onzin dat we in Nederland geen geld of ruimte zouden hebben om die mensen op te vangen. Of dat het niet nodig zou zijn voor die mensen om te vluchten. Wat een voorspelbare non-discussies.

Voordat je verder leest..

...willen we je graag wijzen op de mogelijkheid om vriend te worden van Bodhi. Boeddhisme hoort niet achter een betaalmuur, vinden wij. Maar we hebben wel jouw steun nodig om dit soort content te maken, en daarmee het boeddhisme levend te houden in de media. Wil jij hieraan bijdragen?

Ja, ik word vriend!
Ik lees eerst verder

Kijk om je heen, nee echt, KIJK. Ons favoriete kinderspeelgoed is een iPad. Onze modewinkels hebben mid-season-sales. De Smullers in het LED-schermenpaleis dat Amsterdam Centraal heet, heeft een elektronisch prijzenbord om afwisselend in twee talen aan te geven dat ze bamischijven verkopen (‘noodle snack‘). Luister, we lijken meer op Dubai dan we denken (en ik ben er geweest). Het lijkt me dat we geld hebben voor een vluchteling.

Ik maakt me zorgen over ons bewezen onvermogen om immigranten als gewone burgers te behandelen

Tweet
De vermoeidheid die ik daarover voel is fysiek, tastbaar.

Nog een beerput: in mij ettert een compleet gebrek aan vertrouwen in mijn eigen samenleving. Er zijn veel landen in de wereld (understatement) die patriarchaler, meer misogyn, religieuzer en meer homofoob zijn dan het onze. Wat dat betreft vrees ik niet noodzakelijk het aanpassingsvermogen van willekeurige asielzoekers – ha, wat was ik blij dat ik daarover een basic vertrouwen voelde. Ik maakte me eerder zorgen over ons eigen bewezen onvermogen om immigranten als gewone burgers te behandelen. Racisme vond ik al vies, maar als ik ergens allergisch voor ben geworden, is het laf cultuurrelativisme en opportunistisch conservatisme over dingen waar ik woedend van op m’n kussen zit. Bijvoorbeeld het feit dat we al jarenlang gezinshereniging met kindbruiden toestaan, omdat het ‘te politiek gevoelig’ zou zijn om daar iets aan te doen. Mensenrechten, HALLO.

Toch loop ik onveranderlijk op tegen een onvermogen om luiers te sparen voor Syrische moeders, die aan dit geharrewar helemaal niets hebben. Iets in mij is blijkbaar kapot. Zal dat me vrienden gaan kosten? Zal dat misschien terecht zijn?

Wie was ik eigenlijk?

Zo paspoortloos moet ik ironisch genoeg erkennen dat allerlei identiteiten niet meer de mijne zijn. Ik ben politiek compleet dakloos geworden. Oh ja en compleet ongeschikt gebleken als boeddhistisch beoefenaar. En het enige dat mij nog labelt als ‘reiziger’ is dat kleurrijke identiteitsbewijs dat niet meer bestaat.

Crap. Wie ben ik eigenlijk? Herken ik mezelf nog wel?

“Misschien loopt er nu wel een Syriër rond met jouw paspoort”, grapte iemand tegen me.

Dat zou ik dan wel weer een mooie rechtvaardigheid vinden. Stel je voor, een vluchtelinge met mijn Justin Bieber-kuif, want je moet toch een beetje op de foto lijken. Die desgevraagd aan een grens een paspoort laat zien met een bak stempels die je alleen van een chronische backpacker of serieuze stropdas verwacht. Van landen waar diegene als Nederlander wel, maar als vluchteling nooit binnen zou komen – of weer úit, for that matter. Verenigde Arabische Emiraten? Daar doen ze niet aan vluchtelingen, wel aan dwangarbeid. En… een Syrische queer met stempels van Mexico en de VS? Donald Trump zou er een hartverzakking van krijgen!

Tja, mijn paspoort bevatte alles behalve… nou ja Syrië zelf. Wat weet ik eigenlijk van dat land? Helemaal niets.

De 99 procent

Dat is niet waar. Er is iets dat ik wel over Syrië weet. Namelijk dat het kampt met ernstige droogte:   oogsten mislukken, een werkzoekende, hongerige bevolking trekt naar de stad, dat alles onder een corrupt regime. Het is niet het enige land in de regio waar dit patroon zich uitspeelt. Juist, één van de drijvers van de burgeroorlog in Syrië, en de hele Arabische Lente, is klimaatverandering.

Toen zag ik het ineens.

Klimaatverandering, en dus deze vluchtelingenstroom, is hét gevolg van een onhoudbaar economisch systeem dat zichzelf klem draait, en waar niemand het over wil hebben. Want we hebben het liever over hekken bouwen, dan over dijken bouwen, liever over defensie, dan CO2-reductie. En dat systeem kent verliezers, heel veel verliezers. Ook hier in Nederland.

We bakkeleien over vrouwenrechten, LGBT-tolerantie, racisme, kansen op de arbeidsmarkt. Nederlanders op het bestaansminimum worden opgezet tegen asielzoekers die niets hebben, vechtend over de paar sociale woningen die er beschikbaar zijn. En dat komt sommige mensen heel goed uit. ‘Wij’ tegen ‘de ander’, je identiteit is onderdeel van een politiek spel. Maar eigenlijk moeten we ons collectief afvragen waarom er überhaupt niet genoeg betaalbare woningen zijn voor iedereen in één van de allerrijkste landen ter wereld. Waarom we überhaupt opnieuw en opnieuw over kansen in de samenleving en rechten op de arbeidsmarkt moeten praten. Waarom Syrië verdroogt. En ja, die dingen zijn, deep down, hetzelfde.

Dit, deze vluchtelingencrisis, is wat wij voelen van klimaatverandering. Hier. Nu

Tweet
De xenofobe alleenstaande moeder op de huizenwachtlijst is slachtoffer van hetzelfde mechanisme als de Syrische vluchteling. We zijn allemaal verliezers in een economisch systeem dat drijft op onrechtvaardigheid, dat mensen, dieren en de aarde uitput en de resulterende rijkdom trechtert naar een paar van ons, ten koste van de rest. Nee, ten koste van ons allemaal. Want we mogen dan proberen onze grenzen te sluiten voor ongelijkheid en armoede, maar klimaat houdt zich niet aan grenzen. We’re in this together.

Wie denkt dat rijke landen nog lang geen last gaan hebben van klimaatverandering, is niet aan het opletten. Dít, deze vluchtelingencrisis, is wat wij voelen van klimaatverandering. Hier. Nu.

Niet groot genoeg

Op één of andere manier genas mijn ene kwaal mijn andere kwaal. Want daar was het ineens, in mijn borstkas, en prikkend achter m’n ogen! Compassie, nou ja… compassievolle woede. Echt wel iets anders dan de haat van daarvoor in ieder geval. Godzijdank, het is er wel! Op een vreemde, wereldwijde schaal, over identiteitslijnen heen. Het type mededogen waarvan iedereen altijd zegt dat mensen het niet voelen omdat over iets gaat dat te groot is. Blijkbaar was het voor mij juist niet groot genoeg.

En blijkbaar werkt het genezend effect ook andersom. Nog nooit heb ik overwogen naar een klimaattop te gaan, omdat mijn cynisme daarover oneindig groot is. Maar als ik iets zou willen doen voor vlúchtelingen, wat zou ik nu dan doen? Dan zou ik in december naar de top in Parijs gaan.

Hmmm… zou ik dat kunnen maken, vraag ik me gelijk af, zonder paspoort?

Headerafbeelding: Wikimedia Commons

 

De documentaire Wie wij zijn over twee jonge vluchtelingen in Nederland is nu online te zien bij de NPO.