Sakyong Mipham Rinpoche

Leider Shambhala beschuldigd van seksueel wangedrag in recent rapport

Sakyong Mipham, leider van de Tibetaans boeddhistische organisatie Shambhala, biedt zijn excuses aan voor ongepaste relaties die hij had in het verleden. Meerdere vrouwen vertellen over hun ervaringen met de boeddhistisch leider in een onafhankelijk onderzoek.

De verhalen zijn afkomstig uit het rapport Project Sunshine dat naar buiten kwam op 28 juni 2018, en is samengesteld door Andrea Winn. Het rapport is het resultaat van een langlopend onderzoek waarin op gedetailleerde wijze wordt beschreven hoe misbruik en stilzwijgen al sinds het begin deel uitmaken binnen de cultuur van de Shambhala gemeenschap. Deze meest recente versie van het rapport bevat getuigenissen van vrouwen, geschreven in de eerste persoon. Ze vertellen over hun persoonlijke ervaringen met seksueel misbruik waaraan Sakyong Mipahm zich volgens hen schuldig maakte binnen hun relatie met hem.

Sakyong Mipham Shambhala

Sakyong Mipham

Alcholisme

Volgens Michael Jäckel, auteur van dit artikel op de website “Diffi-Cult”, kampt Shambhala al veel langer met controverses op relationeel gebied. De oprichter van Shambhala, Chögyam Trungpa, was volgens Jäckel een beruchte womanizer en alcoholist: “Er is veel geschreven over de opmerkelijke en onconventionele spirituele carrière van deze briljante maar getroebleerde man. In sommige van de publicaties, waaronder “Dragon Thunder”, geschreven door Trungpa’s vrouw Diana Mukpo, wordt zijn gedrag vertaald als een methode van spiritueel onderwijs. Echter, veel andere vrouwelijke getuigenissen noemen zijn gedrag eerder beschadigend, gewelddadig en out-of-control.”

Excuses

Twee dagen voor de publicatie van het rapport Project Sunshine publiceerde Sakyong Mipham een brief waarin hij openlijk zijn excuses aanbiedt voor zijn gedrag. Volgens Jäckel vinden veel mensen de brief te vaag en missen zij een gemeend excuus waarin Sakyong de verantwoordelijkheid neemt voor zijn gedrag. In plaats daarvan lijkt hij volgens deze critici vooral zijn spijt te betuigen aan vrouwen die zich gekwetst ‘voelen’.

Andere misbruik zaken

Deze zaak staat niet op zichzelf, maar past in een inmiddels lange rij van boeddhistisch leraren in het Westen, die in opspraak raken door fysiek, psychologisch of seksueel misbruik. Na de beschuldigingen aan het adres van Mettavihari, leider van de Thaise tempel Wat Buddharama in Waalwijk, volgden de aantijgingen jegens Sogyal Rinpoche, spiritueel leider van de Tibetaans boeddhistische sangha Rigpa. Meer recent raakte Against the Stream-leraar Frank Uyttebroeck (in 2015 door dit platform nog geciteerd als vertrouwenspersoon voor slachtoffers van seksueel misbruik), in opspraak. Niet lang daarna volgde ook berichten over seksueel wangedrag van Noah Levine, oprichter van Against the Stream. En nu is ook Sakyong Mipham aan de beurt.

De vele afzonderlijke zaken van misbruik lijken steeds meer aanzet te geven tot publieke zelfreflectie op de manier waarop boeddhistische organisaties functioneren in het Westen. Vaak gaat het dan over de manier waarop een sangha is gestructureerd en de mate waarin boeddhistisch leraren worden verheerlijkt.

Zo zegt Marieke van Vugt in een interview van juni 2018: “Rigpa moet zich vooral openstellen voor meerdere verhalen en stemmen. We moeten stoppen met het construeren van een gepolijst verhaal vanuit de sangha, richting Sogyal Rinpoche en naar elkaar, waarin er geen ruimte is voor twijfel. De Dharma is zo krachtig, daar mogen we gerust op vertrouwen en daarin mag er ook gefaald worden. De tendens binnen Rigpa is dat je alleen de succesverhalen hoort: wat een prachtig onderricht, of: wat ben ik toch getransformeerd. Als je iets anders dan dat zegt kun je je zomaar een loser voelen.”

Machtsdynamiek

Martin Aylward, boeddhistisch leraar bij meditatiecentrum Moulin de Chaves, plaatste deze week het volgende commentaar op Facebook:

“Wanneer een leraar functioneert op een ander niveau dan de studenten, dan klopt er iets niet. De verheerlijking van een leraar creëert een sfeer van ‘spiritueel speciaal zijn’, en kent de leraar de status van goeroe toe, waarin hij vervreemd raakt van zijn studenten en vereenzaamt. En waardoor de student op zijn of haar beurt streeft naar eenzelfde soort speciaal zijn, wat bereikt kan worden via de aandacht van de leraar. Daarmee worden de ideale omstandigheden gecreëerd, waarin de leraar zijn eenzaamheid bestrijdt op een ongepaste manier, vanuit het onterechte idee dat hij recht heeft op de aandacht van zijn studenten. En waarin zijn studenten gaan geloven dat zij zichzelf gelukkig mogen prijzen wanneer zij het object worden van hun leraars begeerte, leugens en manipulatie.”

De organisatie van een westerse sangha is nu vaak gebaseerd op Aziatische systemen en culturen. Veelal zijn dit culturen waarin vrouwen niet gelijk zijn aan mannen en waarin een leraar al van jongs af aan wordt verheerlijkt. Binnen zo’n structuur worden kwetsbare studenten mogelijk makkelijk slachtoffer van een ongezonde machtsdynamiek tussen henzelf en hun leraar. Het lijkt er dus op dat de tijd rijp is voor de westerse boeddhist (met name voor de georganiseerde vormen van boeddhisme) om veel kritischer te kijken naar de manier waarop sangha’s nu zijn georganiseerd en de rol die er wordt toegekend aan de leraar.

Verder lezen