advent-boeddhisme

Advent en boeddhisme: vier deugden voor de donkere dagen

Advent komt uit het christendom, maar voor Tom is het sinds enkele jaren ook het feest van het ontwaken van de Boeddha. De vier onmetelijken (ook wel deugden) komen tijdens deze donkere dagen prima van pas. "Bij ons thuis zit er een boeddha onder de kerstboom."

In de christelijke traditie is de ‘advent’ de periode van vier weken voor kerstmis. In mijn beleving is Kerstmis al sinds enkele jaren het feest van het ontwaken van de Boeddha.

Ik weet dat ik daarin een uitzondering ben. Maar de accessoires liggen al klaar. De Boeddha zat onder een boom (check: kerstboom). Hij ontwaakte bij het ochtendgloren, toen de ochtendster scheen (check: de Bethlehem-ster op de top van de boom). En volgens een latere legende veranderde de pijlen en speren van Mara’s demonenleger – die wilde verijdelen dat de Boeddha zou ontwaken – in bloemen en slingers (check: slingers en bollen in de boom). Boeddhisme en kerstkitsch, het is een mooie combi.

advent en boeddhisme

De Boeddha onder de boom bij Tom Hannes thuis

Bij ons thuis zit er een boeddha onder de kerstboom. In het begin was dat vooral tongue in cheek, maar ondertussen is het toch echt een deel van mijn praktijk geworden. De advent ook. De boeddhistische traditie heeft immers een set van vier deugden die in deze donkerste dagen prima van pas komen. Ze sluiten namelijk mooi aan bij de kerstwens van vrede voor iedereen en de komst van een nieuw begin.

Boeddhisten kennen deze deugden als de vier ‘onmetelijken’: liefdevolle vriendelijkheid, mededogen, medevreugde en gelijkmoedigheid. De Boeddha raadt ze in zijn toespraken en gesprekken vaak aan om tot een volwaardige praktijk te komen. Misschien kunnen ze ons, in deze door corona geteisterde kerstperiode, helpen om er een echt kantelpunt van het jaar van te maken.

Metta: Liefdevolle vriendelijkheid

De eerste adventsweek zou dan de week van de liefdevolle vriendelijkheid zijn. Het woord hoeft weinig uitleg. De Boeddha raadt aan om het gevoel op te wekken vanuit een meditatieve rust. Je beeldt je in dat je het als een gigantische straal voor je uit projecteert naar alles en iedereen, zonder onderscheid te maken, eindeloos ver. Daarom wordt de praktijk in deze twee betekenissen ‘onmetelijk’ genoemd.

Voor sommigen werkt die superheldachtige inbeelding heel goed. Anderen maken misschien liever gebruik van een recentere versie, waarbij je eerste denkt aan degene van wie je veel houdt, die warme gevoelens laat opwellen, en ze probeert bij je te houden terwijl je denkt aan degenen van wie je minder houdt, die je koud laten en tot zelfs degenen aan wie je een hekel hebt. Je wenst ieder wezen toe dat ze gelukkig mogen zijn. Dit is een praktijk die je makkelijk genoeg een leven lang kan ontwikkelen en verbreden. Een weekje erop focussen is dus zeker niet overdreven.

Karuna: Mededogen

De tweede adventsweek wordt de week van de tweede ‘onmetelijke’: mededogen. Compassie gaat over de bereidheid om je open te stellen voor het leed in de wereld. Wie op zoek is naar een verlichting die gelijk staat aan constante gelukzaligheid wil daar nog weleens de ogen voor sluiten. Maar zo sluit je je praktijk op in privé-wellness. Compassie breekt onze praktijk echter open door ons hart te breken. Het houdt ook het inzicht in dat specifiek leed specifieke oorzaken heeft en doet een motivatie ontstaan om die oorzaken weg te nemen.

Dit concreet doen is lang niet altijd eenvoudig, het is een levenskunst waarin je je een heel leven kunt bekwamen. Een weekje extra focus op compassie door het vanuit meditatieve rust op te wekken en naar alles en iedereen uit te stralen, is lang geen overbodige luxe.

Mudita: Medevreugde

De derde onmetelijke, voor de derde adventsweek, noemen we medevreugde. We kunnen het ook beschouwen als het positieve tweelingzusje van compassie: we kijken naar het geluk dat een ander te beurt valt en scheppen daar bewust vreugde in. Dat is een interessanter en subtielere praktijk dan je misschien op het eerste gezicht denkt, want het gif van de jaloezie en de nijd sluipt in heel wat van onze reacties mee, en besmet onze relaties meer dan we ons vaak bewust zijn.

In onze neoliberale maatschappij worden we bovendien allemaal verondersteld concurrenten te zijn van elkaar en zou een ‘onzichtbare hand’ dan voor het algemene belang zorgen. Die markttheologie kunnen we op zijn minst een beetje counteren door een bewust opgewekte en heel zichtbaar uitgestraald sympathie voor andermans geluk en vreugde.

Upekka: Gelijkmoedigheid

De vierde week van de advent staat in het teken van de vierde onmetelijke: gelijkmoedigheid. Die lijkt wat vreemd in het rijtje. Wie of wat is immers gebaat bij het uitstralen van een emotionele flat-line? De mediteerder zelf mogelijk. Maar terwijl de vorige drie deugden overduidelijk een relationele praktijk vormden lijkt deze vierde zich terug te plooien op een nogal narcistische invulling van een ‘ontwaakt’ leven: niks raakt me nog, dus is alles goed.

Kan de winterwende op basis van de vier onmetelijken een echt keerpunt in ons leven zijn?

Tweet

Maar er is ook een veel interessantere en actievere invulling van de vierde onmetelijkheid: ontvankelijkheid. Eerder dan als een wezen dat van alles zit te grijpen, af te wijzen of zich blind zit te staren op zijn vooroordelen, ontwikkel je vanuit een zekere meditatieve rust een ‘ontvankelijkheid’. Zitten als een ontvankelijke ruimte is een actieve en behoorlijk subtiele praktijk. Het is de ontwikkeling van ons vermogen om een ontmoetingsplek te zijn. Een ruimte met plaats voor wat zich aandient. Zodat we met een grotere vriendelijkheid, meer compassie en medevreugde rustig en ontvankelijk kunnen bedenken wat de beste reactie zou zijn op deze situatie hier en nu.

Zou de winterwende op basis van deze vier onmetelijken een echt keerpunt in ons leven kunnen zijn? Wat wens ik het ons toe in deze rare kerstmis, waarin we minder van onze naasten zien. Een intens, liefdevolle, meedogende, medevreugdevolle en ontvankelijker advent gewenst.

Titelbeeld: Carina