boeddhisme-landbouw-header

“Er is veel onwetendheid bij mensen die boeren veroordelen”

Ooit had Wim Heusinkveld één van de grootste varkensbedrijven van Nederland. Nu is hij boeddhistisch leraar in de traditie van Thich Nhat Hanh. Heeft hij een boeddhistische visie op landbouw? “Ik zal altijd de boer blijven die spiritueel leraar is.”

Op een steenworp afstand van de Drenthse hunebedden in Borger ligt de Maanhoeve, het retraitecentrum dat Wim in 2008 oprichtte samen met zijn partner Ida te Lindert. Hier organiseert het stel retraites en “bieden ze bezoekers een veilige plek om in verbinding te komen met de liefde en het begrip in hun eigen hart” zoals is te lezen op de website. Op deze boerderij vind je geen megastallen. Wel een drie hectare grote stiltetuin, de Hof van Karuna.

“Momenteel is het heel rustig op de Maanhoeve”, vertelt Wim op vriendelijke en enthousiast toon. Precies zoals ik me herinner van retraites op de Maanhoeve, waar de afgelopen dertien jaar maar liefst vijftienduizend mensen aan deelnamen. Nu vinden deze vanwege de lockdown online plaats. Wim heeft daardoor alle tijd om te reflecteren op het boerenbestaan. Hij schrijft er zelfs een boek over voor zijn kleinkinderen, zodat zij kunnen lezen over vijftien generaties boerenfamiliegeschiedenis.

boeddhisme en landbouw

Wim en zijn partner Ida

Hoe kijk je terug op je bestaan als boer?

“Ik heb mijn werk op de boerderij altijd met heel veel liefde gedaan. Omstreeks 1975 heb ik het bedrijf van mijn ouders overgenomen. Er ontstond een, voor die tijd, vrij groot bedrijf. Ik had één van de grootste varkensbedrijven van ons land. Tegenwoordig noemen ze dat bio-industrie. Dat vind ik een afschuwelijk woord, maar men heeft dat eenmaal zo bedacht.”

Wanneer kwam de gedachte op: ik wil het anders?

“Eind jaren ’80 kreeg ik het gevoel dat mijn bedrijf te groot was, met al het personeel dat nodig was om het te runnen. Ik had op dat moment vierduizend varkens. Het bedrijf slokte mij, mijn tijd en mijn energie volledig op, terwijl ik een jong gezin met drie kinderen had. Toen heb ik het bedrijf verkocht.

Ik ben in Drenthe opnieuw begonnen met een bedrijf dat half zo groot was. Dat druiste tegen alle regels in. Als er maar groei is dan liggen we op koers, was de overheersende gedachte. Daar had ik niks mee. Na die verhuizing kwam er weer ruimte voor mijn zielepad: groeien in liefde.”

boeddhisme landbouw

Hoe kwam je in aanraking met het boeddhisme?

“In het jaar 2000 ontmoette ik Ida. Ik was toen nog niet zo lang gescheiden na een huwelijk van zesentwintig jaar. Ida was al een tijd bezig met het boeddhisme. Toen ik mee ging mediteren, ontdekte ik wat zij deed: zoeken naar de zin van het leven. Ik deed dat ook al veertig jaar maar wist niet dat dat mediteren heette.

Samen hebben we nog zes jaar het varkensbedrijf gerund, met veel zorg en aandacht. We beseften altijd: zolang de dieren bij ons zijn, zijn wij verantwoordelijk voor hen, ook al gaan ze op enig moment naar het slachthuis.”

Hoe is het voor jou dat veehouders tegenwoordig zo’n slecht imago hebben?

“Er is veel onwetendheid bij mensen die boeren veroordelen. Vanuit die onwetendheid ontstaan vooroordelen. Ik heb nooit de behoefte gehad om me daartegen te verdedigen. Wel heb ik vaak lezingen gegeven, over wat we doen en waarom.”

De aanleiding van de scheefgegroeide situatie in de landbouw is maatschappelijk en collectief van aard

Tweet

Wat vertelde je tijdens die lezingen?

“Pas in de negentiende eeuw ontworstelden boeren zich uit een grote armoede door coöperaties te stichten en samen te werken. Zo kregen ze wat meer invloed en konden ze betere prijzen beuren voor hun producten. Na de Tweede Wereldoorlog was het overheidsbeleid er constant op gericht om de voedselprijzen laag te houden, want er mocht geen hongerwinter meer komen. De kosten van voer, energie en loon voor de boerenknecht werden wel steeds hoger, maar de prijs van een varken bleef hetzelfde.

De oplossing van mijn vader was meer varkens houden. Zo haalde hij toch nog een inkomen uit zijn bedrijf. In de jaren zeventig had hij duizend varkens. Vervolgens besloot hij de varkens niet meer in het stro te leggen, want dat was veel te veel werk. Ze gingen ook niet meer naar buiten, want dan had hij te veel grond nodig. Hij legde ze op roosters zodat de mest in de putten valt. Door die kostenbesparing kon hij toch nog in zijn eentje een boterham verdienen, want dat varken leverde nog steeds hetzelfde op.”

varkensboer wim heusinkveld

Wim in de krant, nadat hij tot agrarisch ondernemer van Nederland was uitgeroepen. (rond 1997)

Was er geen alternatief?

“Boeren blijven op grote schaal produceren zolang de consument niet bereid is om een eerlijke prijs voor ons voedsel te betalen. Ik was niet bereid om terug te vallen in armoede. Net als veel mensen wil ik één keer per jaar op vakantie, een nieuwe auto kunnen kopen als mijn oude versleten is of uit eten met mijn gezin.”

Dus het is de schuld van de consument dat de landbouw zo grootschalig is geworden?

“Nee, in mijn ogen bestaat schuld niet. Meestal krijgen boeren de schuld in deze discussie. Ik was ooit bij een lezing van Thich Nhat Hanh waarin hij sprak over moeder aarde en interzijn ‘Interzijn’ is één van de kernbegrippen uit het jargon van Thich Nhat Hanh. Daarmee doelt hij op de observatie dat alles in de wereld met elkaar verbonden is. Als ik diep in mijn thee kijk, zie ik niet alleen de theeplant, de kweker en de plukker, maar ook het regenwater dat eens in een wolk zat, is een bekende reflectie van de zenleraar. . Hij veroordeelde grote boerenbedrijven. Dat maakte me wel boos. De aanleiding van de scheefgegroeide situatie in de landbouw is maatschappelijk en collectief van aard. Als ik mensen kritisch hoor over de landbouw, dan denk ik, daar ben je zelf ook deel van.”

Hoe kunnen we die impasse tussen boeren en consumenten doorbreken?

“We moeten de strijd uit de discussie halen. We moeten gezamenlijk kijken wat er nodig is om de problemen in de landbouw op een duurzame manier op te lossen, want anders komt het niet goed met de aarde. Verandering bereik je niet met een beschuldigende vinger.”

Wat is de rol van de politiek hierin?

“De politiek heeft een grote verantwoordelijkheid. Mensen roepen dat 75 procent van de veehouderij weg moet. Maar zijn ze zich er wel van bewust dat die boeren voor ons eten zorgen? Vanuit een luxepositie denken wij dat we ons eten wel van elders kunnen halen. Ik vind dat overmoedig.

Veehouders kunnen ook niet zomaar overschakelen op akkerbouw, want zo zit het systeem niet in elkaar. Varkensbedrijven hebben vaak wel 1,5 miljoen aan hypotheek bij een bank, en daar moet een rente op betaald worden.”

zenvijver maanhoeve

De zenvijver

Eet je zelf nog vlees?

“Nee, maar dat is niet uit principiële overwegingen ontstaan. Ik at altijd aardappels, groenten, vlees. Ida was al 25 jaar vegetariër. In de loop van de jaren verschoof mijn smaak. Dat betekent niet dat ik vind dat anderen ook moeten stoppen met vlees eten. De oefening voor iedereen is: luister goed naar je lichaam en waar het behoefte aan heeft.”

Heb jij nu een boeddhistische visie op landbouw?

“Het woord boeddhistisch vind ik lastig. Ik vind mezelf geen boeddhist en dat wil ik ook absoluut niet zijn, want dan wordt het een identiteit. Voor je het in de gaten hebt, mag je dingen niet en moet je dingen op een bepaalde manier doen. De beoefening is bedoeld om mij vrij te maken van allerlei ‘ikken’. Als ik niet uitkijk heb ik er weer een ‘ik’ bij. (Barst in lachen uit.) Zodoende vraag ik me af: bestaat er wel een boeddhistische manier van boer zijn? Er is landbouw, en ieder doet dat op zijn eigen manier.”

Boer zijn is geen vak, of beroep. Boer ben je met je hele hart, ziel en zaligheid

Tweet

Wat is dan wel leidend voor jou?

“Ik geloof in het volgen van mijn hart. Vanuit daar doe ik de dingen die ik in mijn leven te doen heb. Dat zielepad is verschillend van mens tot mens, en van boer tot boer. Je zou hooguit kunnen zeggen dat er liefdevolle landbouw is met liefde voor dier, mens en moeder aarde. Zodra je dat boeddhistisch gaat noemen sluit je andere manieren weer uit.”

Heeft het boeddhisme een rol gespeeld bij het beëindigen van jouw varkenshouderij?

“Dat besluit is tot stand gekomen door te luisteren naar onze innerlijke roeping om liefde in de wereld te brengen. Ida en ik dachten: als we die droom willen volgen moeten we stoppen met ons varkensbedrijf. Dat vonden we ook jammer, want we deden het werk met heel veel plezier.”

Je beschouwt jezelf niet als boeddhist, maar zie je jezelf nog wel als boer?

“Boer Wim zit in elke cel van mijn lichaam. Al sinds 1580 zijn wij bij ons in de familie boer, ik ben van de vijftiende generatie. Ook al ben ik tien keer zenleraar, of hoe je dat ook noemen wilt, ik zal altijd de boer blijven die spiritueel leraar is. Boer zijn is geen vak, of beroep. Boer ben je met je hele hart, ziel en zaligheid. Boer zijn is eigenlijk heel spiritueel. Als boer sta je stevig op de aarde en in verbinding met de natuur. Dat is ook de missie van Ida en mij met de Maanhoeve: mensen leren in verbinding te staan met het leven.”