boeddhisten-vegetarisch

“Het boeddhisme heeft veel overeenkomsten met veganisme”

‘Niet doden’ is een van de vijf voorschriften die je als boeddhist kunt hanteren bij het leiden van een ethisch bestaan. Voor Anja en Lisa betekent dit dat zij afzien van het eten van vlees en/of dierlijke producten. Welke obstakels komen ze daar in tegen? “Op een dag had ik een slavink op mijn bord liggen en kon ik het gewoon niet opeten.”

Het boeddhisme kent tal van lijstjes met regels, die ons helpen bij het leiden van een ethisch bestaan. De vijf voorschriften 1. Ik houd mij aan het voorschrift om af te zien van het doden van levende wezens.
2. Ik houd mij aan het voorschrift om af te zien van het nemen van dat wat niet gegeven is.
3. Ik houd mij aan het voorschrift om af te zien van seksueel wangedrag.
4. Ik houd mij aan het voorschrift om af te zien van incorrect spreken.
5. Ik houd mij aan het voorschrift om af te zien van het gebruik van verdovende middelen als alcohol en drugs, welke leiden tot onachtzaamheid.
of deugden (pañca-sila in het Pali) zijn waarschijnlijk de bekendste. In deze serie onderzoekt Sofia Opfer hoe deze voorschriften in de praktijk werken. Deel 1: Ik houd mij aan het voorschrift om niet te doden.


Anja Schornagel heeft een praktijk in Oosterse geneeswijzen en is daarnaast voorzitter van het Boeddhistisch Centrum Haaglanden. Toen zij in 2008 in aanraking kwam met het boeddhisme, was zij al ruim 35 jaar vegetariër. Vooral in de beginjaren was dat niet gemakkelijk. Toch bleef zij haar keuze voor een vegetarisch dieet altijd zo veel mogelijk trouw.

“Ik ben streng katholiek opgegroeid,” vertelt Anja, die opgroeide in een familie van scheepsbouwers in Alphen aan den Rijn. “We leefden volgens de regels, dus we aten bijvoorbeeld geen vlees tijdens het vasten. Bij ons thuis was vlees echt een luxe.”

Mededogen met de koeien

Anja tempel

Anja Schornagel

Tegenwoordig zijn de slachthuizen weggestopt op bedrijventerreinen en worden de dieren in gesloten veewagens aangevoerd. In de jaren ’60 en ’70 was dat volgens Anja nog anders: “De slagerij was een normaal onderdeel van het dorpsleven. Het huis van mijn vriendinnetje stond naast een slagerij, waar ik regelmatig bij stond te kijken. Ik vergeet nooit de blik in de ogen van de koeien die naar de slachtplaats gebracht werden en al het bloed dat daarna rijkelijk vloeide. Ik vond dat een verschrikking.”

Op haar zeventiende besloot Anja vegetariër te worden. “Ik las tijdschriften als Onkruid, dus ik wist wel wat het was, maar ik kende niemand die vegetariër was. Ik deed die zomer mee aan een Pax Christi voettocht. We logeerden bij boeren die ons vol trots hun bedrijf lieten zien. Ik ben me helemaal kapot geschrokken, vooral van de varkens- en kippenmesterijen. Ik kon er niet van slapen.”

Groenten en aardappels met een gekookt ei

Vanaf dat moment at Anja geen vlees meer. Vooral haar moeder had het daar moeilijk mee. Zij wilde niet apart voor haar koken, dus at Anja alleen aardappels en groenten en af en toe een ei. Er was toen nog weinig bewustzijn over wat je ter vervanging moest eten. Anja’s moeder was bezorgd om haar gezondheid en dat bleek terecht: “Ik kreeg de ziekte van Pfeiffer, gordelroos en een ernstig vitamine B tekort. Op advies van de dokter ben ik toen toch maar weer vlees gaan eten. Ik was zo ziek dat ik niet de kracht had om daar weerstand tegen te bieden, maar zodra ik was opgeknapt pakte ik de draad weer op. Ik heb me toen wel laten informeren. Ik ontdekte noten, Marmite, peulvruchten en van die droge sojabrokjes. Die moest je eerst weken en dan werd het een smurrie. Het was niet eenvoudig.”

Ironisch genoeg kreeg Anja verkering met een zoon van een slager. “Hij heeft het altijd geaccepteerd, maar ik kreeg van zijn familie voor Sinterklaas wel standaard een worst van marsepein.” Ze trouwden en kregen twee kinderen. Anja wilde haar kinderen niet dwingen om vegetarisch te eten dus maakte ze wel een paar keer per week vlees voor ze klaar. Zelf at ze dan wat anders.

De mensen begrepen niet dat ik als vegetariër nog in leven was.

Tweet

Het werd pas echt een uitdaging toen het gezin in het buitenland ging wonen. “Eerst in Frankrijk. De Franse keuken is niets voor vegetariërs. Als er bezoek uit Nederland kwam vroeg ik ze altijd om sojabrokjes mee te nemen. In de jaren ‘90 hebben we een tijd in Engeland gewoond. Daar waren hier en daar al wel andere vegetariërs. Daarna verhuisden we naar Chili en daar heb ik het weer heel moeilijk gehad. Daar wordt gigantisch veel vlees gegeten. De mensen begrepen niet dat ik als vegetariër nog in leven was. Terug in Nederland was er al een hele ontwikkeling geweest en was het een stuk eenvoudiger.”

Anja had haar hele leven het gevoel dat ze zichzelf als vegetariër moest verdedigen: “Het was een eenzaam pad met veel onbegrip. Ik kreeg de hele tijd vragen als ’waarom draag je dan wel leren schoenen en waarom eet je wel eieren?’ Toen ik me in het boeddhisme ging verdiepen vond ik een levenswijze die erg leek op de manier waarop ik al leefde, zonder dat ik weet had van het boeddhisme. Dat zat ‘m in mijn vegetarisme, maar ook leven vanuit vriendelijkheid, respect voor de natuur, bewustzijn over het milieu en hoe ik denk over de eigen verantwoordelijkheid in het leven. En natuurlijk het besef dat je het lijden zelf veroorzaakt en dat je er ook zelf iets aan kunt doen. Dat voelde echt als thuiskomen, een feest van herkenning.”

Helemaal geen dierlijke producten gebruiken

Lisa Mennes behoort tot een hele andere generatie dan Anja. Voor haar was de overgang naar een vegetarisch dieet veel eenvoudiger. Zij ging zelfs nog een stapje verder en werd 7,5 jaar geleden veganist. “Dat betekent niet alleen een plantaardig dieet, maar ook dat je helemaal niets wil gebruiken waar een dier voor gebruikt is, dus ook geen wol of zijde,” legt ze uit.

boeddhisten vegetarisch

Lisa met haar hondje Nola

Voordat ze in 1989 in Heemstede werd geboren, waren haar ouders een tijd lang vegetariër. Toen de kinderen kwamen besloten ze weer vlees te gaan eten, omdat ze dachten dat dat gezonder was. “Ik ben dankzij mijn ouders opgegroeid met liefde voor dieren en respect voor natuur,” zegt Lisa. “Ik wilde als kind wel vegetariër worden, maar ik kon het niet omdat ik vlees te lekker vond.”

Na een bezoek aan het Beloofde Varkensland in 2010 maakte Lisa die stap wel. “Vanaf die dag kon ik geen varkens meer eten,” vertelt ze. “En al snel vond ik het raar om geen varken te eten, maar wel een koe. Ik weet nog dat ik op een dag een slavink op mijn bord had liggen en het gewoon niet op kon eten. Het stond me helemaal tegen.

Een paar jaar later las ik het boek Skinny Bitch en dat heeft mijn ogen geopend. Je denkt dat je goed bezig bent als vegetariër, maar als je er goed induikt snap je dat je toch meewerkt aan een systeem dat dieren uitbuit en uiteindelijk doodt. Ik heb me verder in het onderwerp verdiept en geleidelijk aan werd ik helemaal veganist.”

Als je je eigen intuïtie volgt, kom je vanzelf tot de conclusie dat je het beste wilt voor de hele wereld

Tweet

Haar omgeving reageerde vrij positief. In het begin probeerden sommige mensen haar wel te provoceren, maar uiteindelijk is bijna haar hele familie ook vegetariër geworden. Het omschakelen van haar dieet was ook niet ingewikkeld: “In het begin at ik veel vleesvervangers, maar nu heb ik geleerd om anders te koken. Het is vooral belangrijk om gevarieerd te eten en om vitamine B12 en D te slikken. Dat geldt overigens ook voor mensen die wel dierenproducten eten.”

Lisa’s ontwikkeling tot veganist ging ongeveer gelijk op met haar verdieping in het boeddhisme. “Ik ontdekte dat het boeddhisme veel overeenkomsten heeft met het veganisme. Ze erkennen allebei dat we allemaal één zijn. Daarom is het logisch dat je een ander en ook dieren geen kwaad wil doen. Volgens mij is eigenlijk iedereen boeddhist, maar sommige mensen weten dat nog niet. Als je je eigen intuïtie volgt, kom je vanzelf tot de conclusie dat je het beste wilt voor de hele wereld.”

De laatste paar jaar is het veganisme aan een opmars bezig. Het aanbod veganistische producten in de supermarkten is geëxplodeerd en steeds meer mensen kiezen voor een plantaardig dieet. “Sommige mensen vragen me nog steeds ‘wat eet je dan?’, maar kijk eens om je heen,” zegt Lisa. “Er zoveel kennis en aanbod. Er is eigenlijk geen moreel excuus meer om geen veganist te zijn.”


Lees ook: Boeddhistisch koken met ‘Geheimen uit de boeddhistische keuken’