Woman practicing yoga on the beach at sunset in Koh Chang, Thailand

Yoga en boeddhisme: een gouden combinatie?

Yoga en boeddhisme worden vaak in één adem genoemd. Maar van oorsprong zijn het twee verschillende tradities. Gabrielle combineert ze al haar hele leven, maar kreeg daar (in het verleden) ook vaak kritiek op. Kun je yoga en boeddhisme zomaar met elkaar vermengen?

Het is 1974 en samen met een vriendin ontdek ik het verre Azië als rondreizende jonge hippie. Met bussen, treinen en boten reizen we naar het Oosten om nieuwe culturen te leren kennen en ‘onszelf te verwezenlijken’. De wereld ligt voor ons open, alles kan en wij hebben het eeuwige leven.

Bamiyan Boeddha

Het grote Boeddhabeeld in Bamiyan, gefotografeerd in 1974 door Volkert Thewalt.

Dagenlang verblijven we bij de toen nog intacte, uit rots gehouwen, staande Boeddhabeelden in Bamiyan, Afghanistan. Daarna steken we te paard de Khyberpas in Pakistan over. In Dharamsala in India luisteren we aan de voeten van zijne Heiligheid de Dalai Lama ademloos naar zijn verhaal over zijn vlucht uit Tibet. In Poona vieren we ‘Satsang’ en ontvangen we de zegen van Bhagwan. En op de Filipijnen bezoeken we de wondergenezers, die met hun handen operaties uitvoeren, zonder littekens achter te laten.

Mijn leven als yogini

En dan krijgen we de mogelijkheid om op het eiland Ko Samui in Thailand een week lang aan een intensieve hathayogascholing deel te nemen. In dit paradijselijk oord aan de Indische Ocean begint mijn leven als yogini. De leraar is streng, het zweet druipt en we moeten de asana’s erg lang volhouden. Mijn rug weigert nog meer buigingen achterover, mijn longen weten geen raad met de ademoefeningen (pranayama) en de mantra’s bieden weinig hulp. Toch houd ik vol en ervaar bijzondere momenten van ruimte en zuiverheid.

Na deze week verlaat een vrouw het centrum, wier lichaam vrij en zonder pijn is. Dit ben ik.

Shwedagon pagode

De Shewdagon pagode in Myanmar (destijds Birma). Foto door Stefan Fussan, via Wikimedia Commons.

Mijn leven als boeddhist

Dan is het tijd om met een visum voor twee weken de sprong naar het toen nog gesloten, onbekende Birma te wagen. Daar, bij de prachtige Shwedagon pagode begint mijn leven als boeddhist. Ik neem deel aan een tiendaagse vipassanaretraite onder de bezielende leiding van Mother Sayamagyi, een leerling van Sayagyi U Bah Khin. De cursus is volledig gefinancierd door donaties.

Deze periode van afzondering op alle niveaus is moeilijk voor me, bijna ondragelijk. Tijdens de hele retraite heb ik enkel een kort gesprekje met de lerares, van wie ik het Engels amper versta. De cel, waar ik de hele tijd alleen in verblijf, is klein. Na twaalf uur middags krijgen we geen voedsel meer. Er is geen loopmeditatie, alleen maar zitten, zitten en nog eens zitten.

Er is geen loopmeditatie, alleen maar zitten, zitten en nog eens zitten.

Tweet
Lezen en schrijven zijn verboden en de tijd van smartphones is nog lang niet aangebroken. Voordat de retraite begon, heb ik de ‘voorschriften’ afgelegd: de vijf leefregels. Het eerste voorschrift luidt: geen levend wezen doden. Maar hoe doe je dat in een cel met ontelbare muggen en een muskietennet vol gaten? Ze blijven steken en ik blijf observeren. Het is wonderbaarlijk, maar na een paar dagen verschijnen er geen bulten meer op mijn lichaam en is de jeuk verdwenen. Ik houd vol en ervaar bijzondere momenten van inzicht en wijsheid.

Na deze dagen verlaat een vrouw de cel, wier geest gezuiverd en rustig is. Dit ben ik.

Yoga en boeddhisme combineren?

Weer buiten in de echte wereld slaat de realiteit hard toe: het geld is op. Gelukkig zijn er bezorgde ouders in het ‘burgerlijke’ thuisland, die welwillend het bedrag voor een retourticket ‘Poste Restante’ naar Bangkok sturen. Bij thuiskomst heb ik het plan om de praktijk van vipassanameditatie en yoga in het Westen voort te zetten, mijn ervaringen te delen en daarin verbinding te zoeken. Maar dat is zo makkelijk nog niet. In de jaren zeventig gingen de in het hindoeïsme gewortelde yoga en boeddhistische meditatie niet zomaar samen. Als ik bijvoorbeeld op een boeddhistische retraitelocatie arriveerde met mijn yogamat onder mijn arm werd mij steevast gevraagd: “Waar heb je die nou voor nodig?”

yoga boeddhisme

“Het echte werk vindt plaats op het kussen, en niet op de yogamat,” kreeg Gabrielle te horen. Foto van Ivan Radic via Flickr.

Hathayoga werd in boeddhistische kringen beschouwd als een soort veredelde gymnastiek. Men geloofde niet dat dergelijke lichamelijke oefeningen tot wijsheid en verlichting zouden leidden. Het ‘echte’ werk vindt plaats op het kussen en niet op de yogamat. Bij deelname aan mijn eerste boeddhistische retraites in de jaren zeventig in de Theravadatraditie, onder leiding van o.a. Joseph Goldstein, Christina Feldman en Carol Wilson behoorden yogaoefeningen dan ook niet tot het programma.

In 1978 besluit ik een vierjarige hathayogaopleiding te volgen. Hier tref ik hetzelfde sentiment: terughoudendheid wat de boeddhistische meditatietechnieken betreft. Lang en onbeweeglijk zitten met observatie van de adem, zoals ik ken uit de vipassanatraditie, wordt niet aangemoedigd. Hier is men juist van mening dat de asana’s en pranayama-technieken de basis vormen voor verdere geestelijke ontwikkeling. Bij mijn geliefde yogaleraar, Hans Wesseling, blijken mijn pogingen om boeddhistische elementen in de opleiding in te brengen dan ook tamelijk vruchteloos.

En in het Oosten?

Hoe gaat men in Azië eigenlijk met deze twee stromingen om? Voor zover ik weet worden vipassana en yoga niet gecombineerd in Azië. Dat heb ik althans nooit meegemaakt, behalve bij westerse leraren die daar hun cursussen geven.

Belangrijker nog om op te merken, is dat yoga in het Westen niet hetzelfde is als yoga in het Oosten. Yogi’s in Azië doen aan ascese. Door extreme zelfdiscipline en lange reeksen houdingen wordt het lichaam als het ware overwonnen. Streng vasten en pijn verdragen behoren eveneens tot deze praktijk.

Het nastreven van een slank en soepel lichaam betekent alleen maar dat je in de illusie leeft dat JIJ je lichaam bent en er een vaste entiteit zoals een IK bestaat.

Tweet
Ook de beoefening van het boeddhisme is daar anders dan hier. Monniken in boeddhistische kloosters moeten 227 regels in acht nemen en nonnen nog meer. Zo kunnen ze in ieder moment volledig aanwezig zijn en hun concentratie constant verdiepen.

De vaak zachte en comfortabele meditatie en yogapraktijken in onze contreien lijken daar in de verste verte niet op. “Het nastreven van een slank en soepel lichaam betekent in het Oosten alleen maar dat je in de illusie leeft dat JIJ je lichaam bent en er een vaste entiteit zoals een IK bestaat. Daarover zijn de yogafilosofie en het boeddhisme het eens,” vertelt professor Aziatische religies Paul van der Velde in Yoga Magazine: “Wat wij in het Westen doen – ontspannen door middel van yoga en mediteren om beter met ons stressvolle bestaan om te gaan – daar kunnen Aziatische monniken, nonnen en yogi’s alleen maar toegeeflijk om glimlachen.”

Kapucijnenklooster Grave

Het Kapucijnenklooster in Grave waar Gabrielle haar stilteretraites begeleidt. In dit christelijke oord vinden hathayoga en vipassanameditatie elkaar in volstrekte harmonie.

Mindfulness brengt verbinding

Hier in het Westen is men tegenwoordig niet meer zo streng als vroeger. In dezelfde tijd dat ik met mijn yogaopleiding begon, in 1979, kwam er een verrassend bericht uit Amerika. Jon Kabat-Zinn, moleculair bioloog, praktiserend boeddhist én gepassioneerd yogaleraar had een programma voor patiënten met chronische pijn ontwikkeld. Daarin verbond hij yogaoefeningen met een boeddhistische meditatietechniek, namelijk de bodyscan. Dit deed hij gewoon, zonder hokjesdenken en afgrenzingen. Bovendien koppelde hij daar de term ‘mindfulness’ aan en werd zo bekend als de grondlegger van de westerse mindfulnessbeweging. Zijn programma, met duizenden volgers wereldwijd, maakte voor veel mensen een eind aan de verdeeldheid tussen hindoeïsme en boeddhisme in het Westen.

Harmonie

Ook ik ging in het begin met de stroom van de mindfulnesshype mee en heb jarenlang met veel plezier mindfulnesscursussen gegeven. Naar mijn mening heeft het commerciële verdienmodel helaas de kwaliteit van deze mooie cursussen vertroebeld. Daar kon ik me niet in vinden en daarom ben ik uiteindelijk teruggegaan naar de wortels van mijn beoefening uit mijn jonge jaren. Samen met mijn collega’s begeleid ik tegenwoordig vipassanaretraites op donatiebasis. Zo kunnen ook mensen met minder inkomen de leer van de Boeddha leren kennen en onderzoeken. En bij mij maken ze daarnaast ook nog eens kennis met weldaad van de yoga.

Hathayoga is voor mij meditatie in beweging.

Tweet
In mijn eigen spirituele praktijk heb ik altijd geprobeerd yoga en boeddhistische meditatie met elkaar te vervlechten. Zo organiseer ik stilteretraites in een kapucijnenklooster in Brabant. In dit christelijke oord vinden hathayoga en vipassanameditatie elkaar in volstrekte harmonie. De deelnemers genieten met elkaar van de beweging, het zitten, het edele zwijgen, de natuur en de lezingen. Ook heb ik een stiltewandeling in het programma opgenomen.

Hathayoga is voor mij meditatie in beweging. En dat betekent: de houdingen van moment tot moment ten volle  beleven. Niet om sensaties en gedachten te controleren, maar om ze zonder oordeel te observeren. Dit doen we tijdens de asana’s op de mat en tijdens de vipassanameditatie op het kussen. Bij beide oefeningen komen we onze grenzen tegen, onze stress en pijn, ons verlangen, onze afkeer, onze twijfels. Maar ook onze vreugde en vrijheid.

Meer weten?

    Lees ook Boeddha op de yogamat, dat dieper ingaat op de historische overeenkomsten en verschillen tussen beide tradities.

 

De omslagafbeelding is gemaakt door EGIZU Getxo Euskaldun Elkartea via Flickr.